terug
Noordwelle
 
Ondernemers
Jong Noordwelle
Noordernieuwswelle
Contact

Copyright © from 2007
All Rights Reserved

 

1953


Collectie Gemeentearchief Schouwen-Duiveland, Zierikzee.

Op deze foto is duidelijk te zien dat het dorp op een terp is gebouwd en hoe hoog het water is geweest. De trappen naar de ingang van de school verwijzen ook duidelijk naar de bouw op een terp.

Ook zie je een stukje van het schoolplein. Dat was vlak gemaakt en rondom was een muurtje met verschillende niveaus waarop je fijn kon zitten. De fietsenstalling is ook duidelijk te zien. Die was gemaakt van golfplaten. Er kwamen natuurlijk ook kinderen op de fiets omdat ze ver in de polder woonden.

Aan het eind (aan de kant van de straat) was een muurtje van (in mijn herinnering) ongeveer 60 cm hoog. Daar vanaf gingen we bokje springen.

Om het schoolplein heen was gewoon aarde en daarin draaiden we met de hakken van onze schoenen kuiltjes om te knikkeren. Dat deden we met kleiknikkers (waar ik nog een potje vol van heb), maar soms ook met glazen knikkers. We hadden daarvoor een door onze moeders of oma's gemaakte knikkerzak met een koordje.

De jongens deden soms in die aarde "landje pik" met zakmessen. Dat mocht toen nog gewoon. De spelregels van deze spelletjes weet ik niet meer.

Het deel dat op de voorgrond van de foto onder water staat, werd ook gebruikt als speelplaats, maar was belegd met grind. Om dit alles stonden bomen, waar wij "boompje verwisselen" speelden.

Aan de kant van de toren, voorbij de driehoek, stonden als afscheiding, palen met buizen erdoor. Daarover gingen voornamelijk de meisjes duikelen, voorover en achterover.... We hebben heel veel ondersteboven gehangen, met onze jurken over het hoofd, want lange of korte broeken droegen de meisjes toen nog niet.

In het speelkwartier, maar vooral na schooltijd speelden we ook wel tikkertje. Daarvoor renden we over het hele dorp, ook achter de driehoek langs, waar de mensen die daar woonden kleine tuintjes hadden met paadjes ertussen, die bestrooid waren met as uit de kachel (maar misschien vergis ik me daarin wel).

Wel weet ik zeker dat we wel eens weggestuurd werden! We zullen heus ook wel eens dwars door die tuintjes gegaan zijn, alleen was dat dan in het vuur van het spel en niet uit baldadigheid. Kleurentikkertje was een variant, maar dan bleven we op het schoolplein, net als bij voetje van de vloer.

Als we verstoppertje deden, gebruikten we ook het hele dorp (eigenlijk alleen de ring). In die tijd stonden er om de kerk nogal wat struiken en dat, in combinatie met de steunberen, gaf legio mogelijkheden.

Na de ramp waren de speelmogelijkheden natuurlijk gereduceerd, hoewel je je ook wel kon verstoppen in de woningen die zwaar beschadigd en daardoor nog onbewoond waren, maar ik durfde dat niet.

In een winter (en toen hadden we nog winters) liet de meester het schoolplein onder water lopen en dat bevroor al snel. Toen hadden we een heuse ijsbaan. Zoiets was nog nooit vertoond in het dorp. Met de Friese doorlopers, die met riempjes om je schoenen werden gebonden, kon je dan schaatsen. Nadeel was dat de riempjes altijd te strak zaten, zodat je tenen zowat afgebonden werden, of ze zaten te los en in dat geval stond je meestal naast je schaatsen. Om de kou te weren kreeg je kranten onder je kleren. Later zat je dan met vuurrode wangen binnen bij de kachel, met gesprongen lippen waar boter op gesmeerd werd en met gesprongen handen die je moest insmeren met glycerine. Het prikte allemaal!

Annemarie Priemis